‘En ook overigens niet in Nederland is onderworpen aan de vennootschapsbelasting’
Bron:
NTFR 2011/725, blz. 4-7
Auteur(s):
Erwin Nijkeuter
22-4-2011
Op 7 januari 2011 wees de Hoge Raad het eindarrest in de zaak X Holding. Zijn conclusie was dat de afwijzing van het verzoek tot vorming van een fiscale eenheid tussen X Holding BV en haar Belgische 100%-deelneming in de betreffende omstandigheden niet in strijd was met het EG-Verdrag.
In deze bijdrage gaat de auteur in op de passage uit het genoemde arrest die in de titel van het artikel wordt aangehaald. Hij vindt het opvallend dat de Hoge Raad deze passage heeft opgenomen in zijn rechtsoverwegingen, terwijl die niet staat vermeld in de tekst van artikel 15 Wet Vpb 1969. De auteur gaat eerst kort in op de overwegingen van het Europese Hof van Justitie (HvJ) in het arrest X Holding. Daarna bespreekt hij het eindarrest van de Hoge Raad en de kaders voor de voeging van buitenlands belastingplichtige maatschappijen uit het Besluit fiscale eenheid 2003. Ten slotte wordt aandacht besteed aan de gevolgen die volgens de auteur voortvloeien uit de arresten van het HvJ en de Hoge Raad in de zaak X Holding.