Met de herinvesteringsreserve kan de winst bij vervreemding van bedrijfsmiddelen worden doorgeschoven naar nieuwe bedrijfsmiddelen. Voor andere activa, zoals voorraden, kan winstneming worden uitgesteld door een beroep op de ruilarresten, zo heeft de Hoge Raad op 22 oktober 2010 bevestigd.
Als bij de vervreemding van een bedrijfsmiddel winst wordt gerealiseerd, bijvoorbeeld bij verkoop als de verkoopopbrengst hoger is dan de boekwaarde op dat moment, dan kan het nemen van de winst worden uitgesteld door het vormen van een herinvesteringsreserve. Deze herinvesteringsreserve kan vervolgens worden afgeboekt op de aanschaffings- of voortbrengingskosten van de bedrijfsmiddelen waarin wordt geherinvesteerd. Op de nieuwe bedrijfsmiddelen kan door de lagere boekwaarde vervolgens minder worden afgeschreven, zo wordt de uitgestelde vervreemdingswinst alsnog over de toekomstige jaren uitgesmeerd. De herinvesteringsreserve zorgt dus voor een timingvoordeel.
Eisen voor toepassing herinvesteringsreserve
Aan het vormen en het vervolgens afboeken van een herinvesteringsreserve zijn wel eisen verbonden. Zo moet er een voornemen tot herinvesteren zijn en mag de herinvesteringsreserve slechts worden afgeboekt op de nieuwe bedrijfsmiddelen voor zover de boekwaarde daardoor niet zakt onder de boekwaarde van het oude bedrijfsmiddel ter zake waarvan de herinvesteringsreserve is gevormd. Verder mag op bedrijfsmiddelen die niet of in meer dan tien jaar worden afgeschreven, slechts een herinvesteringsreserve worden afgeboekt die is gevormd door vervreemding van bedrijfsmiddelen die dezelfde economische functie hadden binnen de onderneming.
Hoge Raad: ruilarresten voor andere activa dan bedrijfsmiddelen
De herinvesteringsreserve is alleen van toepassing op bedrijfsmiddelen. Voor andere activa, bijvoorbeeld voorraden, kan winstneming echter worden uitgesteld met de ruilgedachte zoals uitgewerkt in de zogenoemde ruilarresten. De Hoge Raad heeft dit op 22 oktober 2010 bevestigd. Het betrof een beleggingsmaatschappij die winst had gemaakt op de aankoop en vervolgens verkoop van een stuk grond. Omdat de grond als voorraad kwalificeerde, wilde Hof Den Bosch uitstel van winstneming niet toestaan, ook niet met een beroep op de ruilarresten. Ten onrechte volgens de Hoge Raad: de ruilarresten zijn toe te passen op alle activa, dus ook voorraden.
Concreet vervangingsplan vereist
Daar is wel de eis aan verbonden dat op het moment van vervreemding van het activum een concreet plan bestaat om in directe samenhang met de vervreemding een ander activum te verwerven dat functioneel en economische dezelfde plaats inneemt in het vermogen van de belastingplichtige als het vervreemde activum. De belastingplichtige had echter voor het hof (en daarvoor de rechtbank) niet de benodigde feiten en omstandigheden aangevoerd om te kunnen bepalen of aan de eisen voor toepassing van de ruilarresten was voldaan, en kon daarom de ruilarresten toch niet inroepen om winstneming uit te stellen. Eerder oordeelde Hof Amsterdam in een andere zaak dat de belastingplichtige in die zaak geen concreet vervangingsplan had.